Groep 5-6

Hoe wij werken

Bij binnenkomst wordt er persoonlijk contact gemaakt met ieder kind. Op het bord staat wat er van de kinderen verwacht wordt, bijvoorbeeld het lezen van een boek. De instructie wordt aangeboden op meerdere niveaus. Op verschillende momenten zetten wij coöperatieve werkvormen in, om zoveel mogelijk interactie met en tussen de leerlingen plaats te laten vinden. Tijdens de verwerking van de leerstof werken de kinderen met een weektaak. Waar het meerwaarde oplevert verbinden we onze beide jaargroepen, wij noemen dit kansrijk werken.

Vakgebieden

Taal

In de methode werken we aan de hand van thema’s. Elk thema duurt ongeveer drie weken, daarna volgt een toets. Elk thema start met een woordenschatles. Ieder thema bevat drie van dit soort woordenschatlessen. De overige dagen komen taal verkennen, spreken en luisteren, maar ook spelling aan bod.

Lezen

In de klas werken we zowel aan het technische aspect van lezen als aan de motivatie en het leesplezier. In de klas wisselen we dagelijks af tussen leesboeken, informatieve boeken, stripboeken en tijdschriften. Ook bieden we afwisseling in de werkvorm. Zo lezen we soms ‘lekker lui’, waarbij de kinderen een lekker lui plekje mogen opzoeken om te lezen. Ook lezen we soms samen, waarbij de kinderen in tweetallen om en om een stukje voorlezen. Een belangrijk middel om de leesvaardigheid van de kinderen te vergroten is veel lezen. Wij hebben een divers aanbod aan leesboeken in onze schoolbieb, die de kinderen ook voor thuis mogen lenen. Wekelijks komen de kinderen in aanraking met een actueel thema tijdens de lessen begrijpend lezen. Deze zelfde thema’s zullen de kinderen herkennen tijdens het kijken naar het jeugdjournaal.

Rekenen

In groep 5 krijgen de kinderen steeds meer te maken met verhaaltjessommen en inzicht in meten en meetkunde. Denk hierbij bijvoorbeeld aan sommen waarin iemand boodschappen doet en waarbij de kinderen het wisselgeld moeten berekenen. Om dit met uw kind te oefenen, zou u uw kind in de winkel het wisselgeld kunnen laten uitrekenen. Kinderen vinden het ook vaak leuk om thuis winkeltje te spelen, zo kunt u ook spelenderwijs het rekenen met geld oefenen. Aan het begin van groep 5 is de digitale klok een belangrijk onderdeel van de lesstof. Deze begint met de hele en halve uren en wordt al vrij snel uitgebouwd naar kwartieren en minuten. Van de kinderen wordt gevraagd om tijden van analoog naar digitaal te zetten en andersom, maar ook om de tijd zowel ’s ochtends als ’s avonds (of ’s nachts en ’s middags) te schrijven. Denk bijvoorbeeld aan het is nu kwart over 7, schrijf de twee digitale tijden op: 7:15 en 19:15u. Een digitale klok in huis kan een goede ondersteuning zijn om de digitale klok te automatiseren. In groep 5 worden de getallen waarmee kinderen optellen en aftrekken uitgebouwd tot 1000. We beginnen met het oefenen op de getallenlijn. In groep 5 zijn de tafels ontzettend belangrijk. Op school besteden we hier spelenderwijs veel aandacht aan. Tussen de lessen door doen we spelletjes om de tafels te automatiseren. De kinderen kunnen allemaal hun tafeldiploma halen. Het is goed om ook thuis de tafels te oefenen. De tafels zijn ontzettend belangrijk, aangezien de kinderen ook te maken krijgen met deeltafels, delen met rest en grote vermenigvuldigingen als 7×13. In groep 5 wordt ook gewerkt aan het inzicht in het meteriek stelsel. De kinderen moeten bijvoorbeeld aangeven welk gewicht, lengte of inhoud bij welk plaatje past. Bij het bakken van een cake, kunt u uw kind bijvoorbeeld vragen stellen over de ingrediënten die u toevoegt.

In groep 6 komen de kinderen steeds meer te weten over meten en meetkunde. Zo gaan zijn aan de slag met het omrekenen van verschillende maten, denk bijvoorbeeld aan 2 dm = 200 mm etc. Dit kunt u thuis bijvoorbeeld oefenen door met uw kind naar ingrediënten van een gerecht te kijken en uw kind de maten te laten omrekenen. In groep 6 wordt het cijferend optellen, aftrekken en vermenigvuldigen geïntroduceerd. Dit begint met de uitgebreide manier, die u hiernaast ziet. Stapje voor stapje wordt dit verkort. Het is belangrijk om de kinderen eerst de uitgebreide manier aan te bieden en dit langzaam in te korten. De kinderen krijgen zo inzicht in wat ze doen bij het cijferend rekenen. De kinderen gaan ook aan de slag met het optellen en aftrekken van getallen tot 10.000 en later tot 100.000. Aan het eind van groep 6 maken de kinderen kennis met breuken. Ze leren wat de teller en de noemer is, maar ook gaan ze rekenen met breuken. Dit gebeurt veelal in de context van chocoladerepen, taarten en pizza’s. Denk bijvoorbeeld aan een opdracht waarbij de kinderen weten dat de hele pizza €12 kost en zij moeten berekenen hoeveel ¼ deel kost. De kinderen gaan ook aan de slag met breuken in de context van afstanden. Dit is iets wat u onderweg ook met uw kind kunt oefenen zodra dit in de tweede helft van het schooljaar aan bod is gekomen. U zou bijvoorbeeld op kunnen zoeken hoe groot de afstand die u gaat fietsen is, en dan uw kind laten berekenen wat daar ¼ deel van is. Ook in groep 6 blijven de tafels en deeltafels ontzettend belangrijk. In groep 6 krijgen de kinderen te maken met steeds grotere deel- en keersommen. Denk bijvoorbeeld aan sommen als 13×23 of 246:6. Het is daarom goed om de tafels ook thuis nog regelmatig met uw kind te oefenen. Ook de kinderen van groep 6 gaan weer aan de slag met het tafeldiploma.

Wereldoriëntatie

De vakken aardrijkskunde, geschiedenis en natuur & techniek worden klassikaal aangeboden. Op vrijdagmiddag wordt aardrijskunde schooloverstijgend aangeboden binnen de jaargroep. Voor techniek maken we gebruik van de Techniek Torens. Voor natuur maken we naast de methode gebruik van het excursie aanbod van het IVN.

Creatieve ontwikkeling

Naast de lessen drama, muziek, tekenen en handvaardigheid in de groep hebben we doe-middagen. Tijdens deze middag is er een creatief en actief aanbod voor de leerling van groep 5-8 van basisschool Dr. Jan de Quay en De Akkerwinde.

Motorische ontwikkeling

De kinderen leren het verbonden schrift nauwkeurig en vlot te schrijven en gebruiken hiervoor een vulpen van school. Tussen de lessen vinden korte bewegingsactiviteiten plaats. Op maandag krijgen de kinderen gymles van juf Ingrid en juf Elien. Op donderdag krijgt onze groep gymles van de combinatiefunctionaris Floor van Lin. Voor de gymlessen nemen de kinderen makkelijk zittende korte kleding en gymschoenen mee. In onze groep wordt na de gymles gedoucht. Een deoroller mag gebruikt worden, spuitbussen zijn niet toegestaan. In verband met de veiligheid is het belangrijk dat lange haren in een staart of vlecht zitten, sieraden deze dag graag thuis laten. Voor de Daily Mile mogen de kinderen buitensportschoenen op school laten. We zullen samen met groep 3-4 op de maandagen de Daily Mile gaan lopen.

Huiswerk

Voor de kerstvakantie dienen de kinderen van groep 5 de tafels 1 t/m 5 en 10 geautomatiseerd te hebben. De kinderen uit groep 6 de tafels 6 t/m 9. Natuurlijk besteden we hier op school veel aandacht aan, maar het blijkt effectief als ook thuis dit herhaald wordt. Onze ervaring leert dat ook klokkijken (analoog en digitaal) het beste veel herhaald kan worden.

De kinderen uit groep 5 en 6 verzorgen allemaal een boekbespreking voor de klas. Het doel hierbij is jezelf presenteren en boekpromotie. De kinderen gebruiken hierbij ter ondersteuning een Powerpoint of Prezi. Samen met de kinderen maken we en planning voor de boekbesprekingen. Alle kinderen uit groep 5 en 6 houden dit schooljaar ook een spreekbeurt. Ook deze plannen we samen met de kinderen in. Ook bij de spreekbeurt is een Powerpoint/Prezi verplicht. Voor zowel de boekbespreking als de spreekbeurt krijgen de kinderen een stappenplan mee naar huis om hun presentatie vorm te geven.

Voor de toetsen van wereldoriëntatie vakken als aardrijkskunde, geschiedenis en natuur kunnen kinderen zich thuis voorbereiden. Het doel hiervan is alvast kennis maken met leren leren. Een week voor de toets krijgen kinderen de toetsstof mee naar huis.

Buiten het feit dat de kinderen een aantal tips voor het aanpakken van huiswerk krijgen, is het belangrijk dat u als ouder het kind hierin begeleidt en stimuleert. Een vast moment van de dag is hiervoor het handigst.